Zum Hauptinhalt springen

Beschikbare informatie

Wellicht biedt de volgende informatie een antwoord op uw vraag:

J07: Diversen corrosiebescherming

FAQs over het onderwerp J Diversen corrosiebescherming

Kan elk type staal geëmailleerd worden ?

De emailleringsbewerking bestaat uit het aanbrengen van een laag email op een eerder ontvet stalen oppervlak en vervolgens het bakken bij een hoge temperatuur tussen 820 en 850 °C. Email is een glas met als hoofdbestanddeel kiezelaarde, waaraan elementen zijn toegevoegd zoals vloeimiddelen, kleurstoffen en metaaloxiden die tot doel hebben de hechting tussen email en staal te verzekeren.

Na het bakken moet het email perfect op het staal hechten en moet het geëmailleerde deel er vrij van gebreken uitzien.

De koolstof in het staal speelt een belangrijke rol in de chemische reacties die plaatsvinden op het grensvlak tussen email en staal tijdens het bakken. Door de reactie van het koolstof met de metaaloxiden in het email wordt de hechting verzekerd. Echter, de koolstof kan ook aan de oorsprong van gebreken aan het oppervlak liggen (pitting, mee-eters), die kunnen nadelig zijn voor het uiteindelijke gebruik van het geëmailleerde deel. Evenzo moet ervoor worden gezorgd dat het staal al het waterstof kan absorberen dat tijdens het bakproces wordt geproduceerd, anders kunnen er op korte of langere termijn emailleringssprongen op het oppervlak verschijnen.

Daarom moeten voor de vervaardiging van geëmailleerde panelen specifieke staalsoorten worden gebruikt.

Vertaald met www.DeepL.com/Translator

Wat is de oorzaak van corrosie bij een roestvast stalen ophangconstructie bij een zwembad? Wat is er aan te doen?

De laatste tijd zijn er een aantal schadegevallen opgetreden in zwembaden waarbij de roestvast stalen ophangconstructie van het plafond is gecorrodeerd. Wat is hiervan de oorzaak en wat is er aan te doen?

Bij de condensatie van chloorhoudende dampen in zwembaden op onder meer roestvast staal ontstaat een agressief milieu, waardoor lokaal putvormige corrosie en corrosieproducten kunnen ontstaan. De opeenhoping van vochtige corrosieproducten kan bij een verhoogde temperatuur (vanaf 30-40 °C) leiden tot een toename van de agressiviteit van het milieu. Samen met een voldoende hoge mechanische belasting kan dan scheurvorming door spanningscorrosie ontstaan. Met name ophangmiddelen, zoals draadstangen en klemmen van standaardtypen roestvast staal AISI 304 en AISI 316 zijn onder deze condities gevoelig voor spanningscorrosie.

Zowel uit de literatuur als uit onderzoek van TNO blijkt dat onder de heersende zwembadcondities het proces van spanningscorrosie voor beide genoemde typen roestvast staal zich als volgt ontwikkelt:

door de specifieke omstandigheden ontstaat lokale putvormige corrosie;

de corrosieproducten zorgen voor een agressief lokaal milieu, waardoor microscheuren ontstaan vanuit de corrosieplekken;

de scheuren groeien door en vanwege de verminderde doorsnede neemt de spanning verder toe;

restbreuk van nog niet aangetast materiaal dat de belasting niet meer kan dragen.

Indien bij een visuele inspectie corrosie zichtbaar is, bestaat er kans op de aanwezigheid van scheuren. Door nader onderzoek naar de gebruikte materialen, de toestand waarin deze zich bevinden °n de opbouw van de gehele plafondconstructie kan worden beoordeeld welke stappen nodig zijn om risico s uit te sluiten.

Het is bekend dat onder specifieke condities (chemie, energieopwekking) ook spanningscorrosie kan ontstaan zonder dat er sprake is van zichtbare corrosie. Echter bij ophangmiddelen boven zwembaden is scheurvorming zonder zichtbare corrosie niet waargenomen. Voor ophangmiddelen boven binnenbaden komen twee opties in aanmerking:

Optie 1. Een duurzame optie is de keuze van een voldoende resistent type roestvast staal. De volgende typen roestvast staal volgens EN 10088 worden, gelet op eerder onderzoek, voldoende bestand geacht tegen spanningscorrosie onder de waargenomen condities: 1.4529, 1.4547, 1.4539, 1.4565, 1.4462 (duplex roestvast staal). Daarbij zijn er geringe nuanceverschillen met betrekking tot de weerstand tegen (putvormige) corrosie en de sterkte.

Bij deze duurzame optie kunnen lange inspectietermijnen worden gehanteerd, en zal bij de juiste keuze vervanging niet meer aan de orde zijn.

Optie 2. Een optie met een beperkte duurzaamheid is het gebruik van verzinkt staal. De levensduur is beperkt doordat de zinklaag in de loop van tijd verdwijnt. Wanneer het zink is verdwenen, corrodeert het staal totdat de doorsnede zover is afgenomen dat het restant de aanwezige belasting niet meer kan dragen. In tegenstelling tot spanningscorrosie is corrosie van zink respectievelijk staal een meer geleidelijk proces. Bij deze optie zullen tussentijdse inspecties (1 tot 2 jaar), en op basis daarvan eventuele toekomstige vervangingen nodig zijn.

---

Deze vraag is eerder verschenen in de rubriek Vraag & Antwoord in Bouwen met Staal 164 (februari 2002).

Kan een gemeente eisen dat een niet-inspecteerbaar stalen bouwdeel in roestvast staal wordt uitgevoerd?

Het Bouwbesluit dwingt tot een duurzaam veilige constructie, maar verplicht niet tot een bepaalde oplossing. Het Bouwbesluit bevat geen voorschriften met betrekking tot het verplicht toepassen van een bepaald materiaal. De keuze daarvan is uit het oogpunt van het bieden van meer vrijheid overgelaten aan de bouwer. In de voorschriften van het Bouwbesluit over de sterkte van de bouwconstructie (art. 2, 111, 174 en 359) staat dat de bouwconstructie duurzaam bestand moet zijn tegen daarop werkende krachten. NEN 6770 geeft aan het begrip duurzaam bestand zijn echter geen concrete invulling. Daarmee blijft het vereiste van duurzaam bestand zijn wel overeind. Een staalconstructie moet derhalve duurzaam bestand zijn tegen daarop werkende krachten. Zo lang de normen niet voorzien in voorschriften, gericht op het duurzaam bestand zijn, is een gemeente bevoegd een bouwplan te weigeren, indien zij van oordeel is dat de aangegeven oplossing niet voldoet aan het vereiste van duurzaam bestand zijn. Op grond van de Algemeen Wet Bestuursrecht zal de gemeente zo n weigering echter wel terdege moeten motiveren.

---

Deze vraag is eerder verschenen in de rubriek Vraag & Antwoord in Bouwen met Staal 162 (oktober 2001).

Welke eisen gelden er voor de oppervlakte van nieuwe walsprofielen?

Voor een staalconstructie in het zicht levert het staalconstructiebedrijf profielen HEB 180, die zijn gestraald en gecoat. Op de flenzen van de balken zijn op veel plaatsen duidelijk schilvers te zien. Hoewel de schilvers klein van afmetingen zijn, keurt de opdrachtgever de profielen om visuele redenen af. Bovendien is hij bang dat snel na oplevering roestvorming gaat optreden ter plaatse van de schilvers. Welke eisen gelden er voor de oppervlakte van nieuwe walsprofielen?

De technische leveringsvoorwaarden van het materiaal van balkstaal liggen vast in NEN-EN 10025-2. Ten aanzien van de oppervlakte-eigenschappen van profielen verwijst deze norm naar NEN-EN 10163-3. Voor de toelaatbare onvolkomenheden van het oppervlak geldt volgens deze laatste norm klasse C/subklasse 1, tenzij tijdens de bestelling anders is overeengekomen. De maximale diepte van onvolkomenheden voor klasse C hangt af van de dikte van de flens. Voor een HEB 180 met tf = 14 mm bedraagt de maximale diepte 1,2 mm. Onvolkomenheden die binnen deze grens vallen zijn inherent aan het productieproces en zijn toelaatbaar, ongeacht hun aantal.

De diepte van de afwijkingen wordt bepaald nadat de afwijking door slijpen geheel is verwijderd. De meting moet worden uitgevoerd vanaf het oppervlak van het product zonder coating. Subklasse 1 bepaalt dat afwijkingen mogen worden gerepareerd door hakken en/of slijpen gevolgd door lassen. Overschrijdt de diepte van de onvolkomenheid de aangegeven grenswaarde dan wordt de afwijking gezien als een fout die ongeacht hun aantal moet worden gerepareerd. De som van de oppervlakte van de gelaste plekken mag niet meer bedragen dan 15% van het geïnspecteerde oppervlak. NEN-EN 10163-1 geeft in bijlage A een beschrijving van de meest voorkomende afwijkingen. De omschrijving onder schubben lijkt het meest toepasselijk: kleine oppervlakte-afwijkingen met een onregelmatig bladderachtig voorkomen . Schubben zijn (kleine stukjes metaal) die in de walsrichting zijn uitgerekt en met kleine overlappingen op bepaalde plaatsen aan het basismetaal zijn verbonden. Wanneer onvolkomenheden binnen de grenzen vallen die gelden voor klasse C indien niet anders is overeengekomen dan voldoet het materiaal voor dit aspect aan de leveringsvoorwaarden. De kans bestaat echter dat ook na de conservering rond de schubben roestvorming optreedt. Wanneer dergelijke locale roestvorming ongewenst is, moet de opdrachtgever tijdens de bestelling aanvullende eisen stellen.

---

Deze vraag is eerder verschenen in de rubriek Vraag & Antwoord in Bouwen met Staal 206 (december 2008).

Voor een zwembad wordt gekozen voor roestvast staal. Welke kwaliteit staal en bouten moet worden toegepast?

Wij zijn bezig met het constructief uitwerken van een zwembad. De constructie zal bestaan uit een staalconstructie. Als er vanwege het agressieve milieu roestvast staal wordt toegepast, welke staalkwaliteit moet dan worden gekozen? Zijn er aanvullende maatregelen nodig voor bouten?

Er kan niet zonder meer uitgegaan worden van "standaard" roestvast staalsoorten. TNO adviseert materiaal met werknummers 1.4529, 1.4547 en 1.4565. In de praktijk kan het voorkomen dat de gevraagde bouten niet in genoemde materiaalkwaliteiten verkrijgbaar zijn. Thermisch verzinkte producten met voldoende laagdikte en een meerlaagse organische coating zijn dan een alternatief.

---

Deze vraag is eerder beantwoord door de Helpdesk van Bouwen met Staal (januari 2009).