Zum Hauptinhalt springen

F06: Sneeuwlast

FAQs over het onderwerp F Sneeuwlast

In NEN 6702 staan eisen voor de berekening van sneeuwopeenhoping. Zijn de eisen niet extreem hoog?

NEN 6702 vermeldt in bijlage B onder punt g op welke wijze sneeuwopeenhoping door opwaaien en afglijden in rekening moet worden gebracht bij twee aangrenzende bouwdelen met een verschillende hoogte. In de hieronder gegeven situatie geldt dan voor de vormfactor: Cw = (l1 + l2)/2h = (8 + 21,5)/(2 (6,5 3,5)) = 4,9 met een maximum van Cw = 4,0. Dit leidt tot een sneeuwbelasting prep = Cipsn;rep = 4 0,7 = 2,8 kN/m2. Deze belasting komt overeen met 1,4 m (samengeperste) sneeuw en is vijf (!) keer zo hoog als de belasting op de rest van het dak. Is de eis in NEN 6702 niet extreem hoog, gelet op de Nederlandse weersomstandigheden?

[afb. a]

Het onderdeel sneeuw in NEN 6702 is overgenomen uit Eurocode 1, dat weer is gebaseerd op ISO-norm 4355:1981. De achterliggende filosofie lijkt te zijn ingegeven door landen met zware sneeuwval (Duitsland, Frankrijk, Italië, Zwitserland). Deze regels zijn voor de Nederlandse situatie inderdaad nogal zwaar. De voorschriften over sneeuwbelastingen in NEN 6702 zijn echter wel wettelijk voorgeschreven. Met name voor gebouwen met een groot en hoog gedeelte ën een klein en laag gedeelte betekent dit dat er moet worden gerekend op een nogal forse sneeuw(opeenhopings)belasting. Deze situatie treedt bijvoorbeeld op bij een hal met een kantoortje of bij luifels. Overigens lijkt de maximale begrenzing van de sneeuwopeenhopingsfactor Cw 4,0 tamelijk arbitrair tot stand te zijn gekomen. Het achtergronddocument geeft zelfs voor landen als Italië en Frankrijk (waar de methode vandaan komt) factoren van 2,5 en 2,8. Deze waarden zijn in elk geval realistischer dan de in NEN 6702 gegeven waarde.

In de praktijk kan men soms in overleg met bouw- en woningtoezicht komen tot een voor Nederland meer realistische belastingaanname.

---

Deze vraag is eerder verschenen in de rubriek Vraag & Antwoord in Bouwen met Staal 135 (april 1997).

Mag bij een ontwerplevensduur van 15 jaar de sneeuw- en windbelasting worden gereduceerd?

Voor een hal wordt uitgegaan van een ontwerplevensduur van 15 jaar. Volgens de TGB 1990 was het dan mogelijk de extreme waarde van de sneeuw- en windbelasting te reduceren. Is dit ook toegestaan volgens de Eurocode?

Ja. In de TGB 1990 gold voor alle soorten veranderlijke belasting één reductiefactor psi_t, afhankelijk van de referentieperiode en de momentaanfactor psi. Art. A1.1(2) van de Nationale Bijlage bij NEN-EN 1990 geeft een formule (met psi_0 als 'vervanger' van de oude momentaanfactor psi) voor het reduceren van de extreme waarde van de veranderlijke belasting voor een ontwerplevensduur anders dan 50 jaar. De formule geldt echter niet voor sneeuw- en windbelasting. De reductie van de sneeuwbelasting is geregeld in bijlage D van NEN-EN 1991-1-3 en die van de windbelasting in opmerking 4 en 5 van NEN-EN 1991-1-4, art. 4.2; beide inclusief de Nationale Bijlage. Wanneer de ontwerplevensduur meer bedraagt dan 50 jaar (bijvoorbeeld bij monumentale gebouwen) mag de belasting niet worden gereduceerd, maar moet deze juist worden verhoogd. De modificatiefactoren voor sneeuw en wind (c_prob) staan in onderstaande tabel.

Op het antwoord op deze vraag is een aanvulling verschenen. Deze vraag is te vinden in de categorie Windbelasting onder de naam Mag bij een ontwerplevensduur van 15 jaar de sneeuw- en windbelasting worden gereduceerd? (2).

---

Deze vraag is eerder verschenen in de rubriek Vraag & Antwoord in Bouwen met Staal 228 (augustus 2012).

Mag bij een ontwerplevensduur van 15 jaar de sneeuw- en windbelasting worden gereduceerd? (2)

Er is in de praktijk enige verwarring ontstaan door een te snelle interpretatie van de tabel bij vraag 303 in Bouwen met Staal 228 (2012) met de modificatiefactoren voor sneeuw en die voor wind (cprob). Wat wordt nu de correctiefactor op de windbelasting?

Bij sneeuw is de modificatiefactor gelijk aan de correctiefactor (verlaging of verhoging) op de sneeuwbelasting. Bij wind echter is de modificatiefactor cprob een correctiefactor (verlaging of verhoging) op de windsnelheid. Aangezien de windbelasting evenredig is met de windsnelheid in het kwadraat is de correctie op de windbelasting gelijk aan cprob in het kwadraat! Om misverstanden te voorkomen bevat de nieuwe tabel de correctiefactoren op de sneeuw- en windbelasting. Bij het berekenen van de correctiefactoren is de jaarlijkse overschrijdingskans p berekend met p 1/R. Hierin is R de referentieperiode in jaren.

---

Deze vraag is eerder verschenen in de rubriek Vraag & Antwoord in Bouwen met Staal 230 (december 2012).

Stel een vraag